Meest gezocht


Mijn profiel

Je vindt hier je persoonsgegevens en contactgegevens.
Bekijk je profiel.


Dekkingsgraad

De dekkingsgraad laat zien of Pensioenfonds UWV genoeg geld heeft om alle pensioenen nu en in de toekomst te betalen.
Bekijk de actuele dekkingsgraad.


Partner- en wezenpensioen

Overlijd je als je nog pensioen opbouwt? Dan krijgt je partner partnerpensioen en krijgen je kinderen wezenpensioen.
Lees meer over partner- en wezenpensioen.


Mijn pensioenpost

Bekijk digitaal de post over je pensioen.
Bekijk je pensioenpost.


Nieuws

Lees hier het nieuws over Pensioenfonds UWV
Nieuws lezen.

Zoeken

Overlijden

 

De pensioenregeling van UWV geeft standaard een nabestaandenpensioen als jij komt te overlijden. Met nabestaanden bedoelen we je partner en je kinderen, als je die hebt. De hoogte van het nabestaandenpensioen hangt af van een aantal keuzes. Die keuzes kan je als deelnemer maken. Het recht op partnerpensioen blijft bestaan als je partner opnieuw trouwt en/of gaat samenwonen na je overlijden.

Partnerpensioen

Als je komt te overlijden terwijl je bij UWV in dienst bent
Zolang je in dienst bent bij UWV hangt de hoogte van het partnerpensioen samen met je ouderdomspensioen. De uitkering is 70% van het ‘te behalen’ ouderdomspensioen op 67 jaar. Het partnerpensioen gaat in op de eerste dag van de maand na je overlijden. Het stopt op de laatste dag van de maand waarin je partner overlijdt. 

Bij een huwelijk en geregistreerd partnerschap binnen Nederland, sturen wij je partner automatisch een aanvraagformulier voor partnerpensioen. Als er bij ons geen relatie bekend is, dan sturen wij automatisch een brief. Hierin staat dat de partner zich kenbaar kan maken. Het recht op partnerpensioen blijft bestaan als je partner opnieuw trouwt en/of gaat samenwonen.

Vrijwillige verzekering Tijdelijk Partnerpensioen
Via het pensioenfonds kun je een vrijwillige verzekering afsluiten die een tijdelijk partnerpensioen geeft. Je partner ontvangt dit als je komt te overlijden vóór de AOW-leeftijd van je partner. We betalen dan een jaarlijks bedrag van ongeveer € 15.496 (2019). Dat is tot het moment dat je partner de AOW-leeftijd heeft. Je kunt ervoor kiezen dit uit te keren bedrag geheel of voor een deel te verzekeren. De keuze is daarbij 50%, 75% of 100%. 

Let op: voor deze verzekering moet je je binnen één maand na indiensttreding aanmelden. Je hebt na het trouwen één maand de tijd om deze verzekering af te sluiten. Dat is ook zo bij geregistreerd partnerschap of als je samenwoont. Doe je dit later, dan is medisch bewijs nodig waaruit blijkt dat je gezond bent. De premie voor deze verzekering stellen we vast per persoon en hangt af van je leeftijd.

Als je overlijdt terwijl je niet meer werkt bij UWV (maar vóór je pensionering)
Soms komt het partnerpensioen direct tot uitkering. Bijvoorbeeld als je voor 2001 in dienst kwam, uit dienst gaat en overlijdt voordat je met pensioen gaat. Als je later in dienst kwam gaat het partnerpensioen pas in na je pensioeningangsdatum. Dat partnerpensioen komt alleen niet tot uitkering als je overlijdt vóór je pensioeningangsdatum. Je partner is dan niet verzekerd. Dat geldt dus als je van baan verandert en geen waardeoverdracht doet naar het nieuwe pensioenfonds.

Bij het pensioenfonds van je nieuwe werkgever ben je waarschijnlijk opnieuw verzekerd voor partnerpensioen. Dat geldt dan alleen voor het deel dat je nog kunt opbouwen bij het nieuwe pensioenfonds. Het geldt niet over de eerdere deelnemingstijd in pensioenfondsen via vorige werkgevers. Dit is vaak een reden vóór waardeoverdracht.

Als je stopt met werken bij UWV, zetten wij het uitgestelde partnerpensioen automatisch om in een partnerpensioen. Dat pensioen gaat dan direct in, het moment van overlijden maakt daarvoor niet uit. Daarvoor lever je een stukje van het opgebouwde ouderdomspensioen in. Partnerpensioen dat je hebt gekregen uit waardeoverdracht komt als je overlijdt tot uitkering.

Je kunt het laten weten als je niet wilt dat het uitgestelde partnerpensioen direct ingaat. Dit kan door dit aan te geven met een uitleg op de premie vrije polis. Deze sturen wij je toe.

Als je overlijdt nadat je met pensioen bent gegaan

Op het moment dat je met pensioen gaat, is er een partnerpensioen verzekerd. Dat heb je opgebouwd tijdens je dienstverband bij UWV. Tot 1 januari 2005 was dat 70% van het ouderdomspensioen.

Vanaf 1 januari 2005 is dat standaard 35%. Je kunt je ook vrijwillig verzekeren voor nog eens maximaal 35%. Zolang je meedoet, bouw je een stukje extra partnerpensioen op. Vanaf 1 april 2017 betaal je, afhankelijk van je leeftijd, een percentage van je pensioengroendslag. Als je ouder dan 49 jaar bent betaal je 2,30% van je pensioengrondslag (per 1 januari 2019). Bekijk de tarieven. Aanmelden kan op elk moment. Dat doe je via het HRM Shared Service Center. Je kunt er ook op elk moment mee stoppen.

Je kunt ervoor kiezen het opgebouwde partnerpensioen te ruilen voor een hoger ouderdomspensioen. Bijvoorbeeld als je alleenstaand bent of je partner zelf een goed pensioen heeft. Deze keuze maak je als je met pensioen gaat.

Kinderen

Als je overlijdt terwijl je in dienst bent bij UWV heeft je kind recht op wezenpensioen. Dat is ook zo als je overlijdt nadat je met pensioen bent gegaan. Het wezenpensioen is voor ieder kind 14% van het uiteindelijke of ingegane ouderdomspensioen.

Het wezenpensioen gaat in op de eerste dag van de maand na de maand waarin je overlijdt. Het wezenpensioen stopt op de laatste dag van de maand waarin het kind de 18-jaar wordt. Soms loopt het wezenpensioen tot de 27ste verjaardag van het kind. Daarvoor moet het kind nog studeren of een beroepsopleiding volgen.

Partnerregistratie

Op 1 januari 1998 is de Wet partnerregistratie ingegaan. Deze wet regelt dat niet getrouwde partners zich als partners kunnen laten opnemen bij de burgerlijke stand. Voor de pensioenregeling is een geregistreerd partnerschap gelijk aan een huwelijk. Van een geregistreerd partnerschap krijgt Pensioenfonds UWV automatisch bericht van de burgerlijke stand.

Ook een niet getrouwde (niet geregistreerde) partner met wie je samenwoont, kan in sommige gevallen partnerpensioen krijgen. Daar gelden bepaalde voorwaarden voor. Eén voorwaarde is dat het partnerschap in een notarieel bewijs moet staan. Hierin moet staan dat je partner de persoon is die het pensioen mag ontvangen. Een andere regel is dat in het bevolkingsregister staat dat je minimaal een halfjaar samenwoont .

Je samenwonende partner moet laten zien dat er aan de voorwaarden is voldaan. Dat hoeft pas na je overlijden of als je pensioen ingaat. Wel kun je de inhoud van het notariële bewijs vooraf laten nakijken.